Richtlijnen voor gebruik gezichtsherkenning

Gezichtsherkenning is al lang niet meer iets wat we enkel kennen uit sciencefictionfilms, maar wordt steeds vaker en meer toegepast. Genoeg reden voor de Amerikaanse Federale Handelscommissie (FTC) om wat richtlijnen op te stellen die de privacy van de consument moet beschermen. Zo moeten bedrijven transparant zijn over het verzamelen van data en waarvoor die informatie wordt gebruikt.

Gezichtsherkenning kan op diverse innovatieve manieren toegepast worden in de huidige maatschappij, die zich ook steeds meer online en virtueel laat gelden. Zo is het al mogelijk om met behulp van gezichtsherkenningscamera’s mensen te ‘taggen’, doelgerichte advertenties voor te schotelen en op het zicht gebaseerde camerabeveiliging toe te passen. Zulke ontwikkelingen vragen om richtlijnen.

Virtueel brillen passen
In de gebruiksrichtlijnen van de FTC lezen we dat bedrijven redelijke maatregelen moeten nemen om de data die verkregen wordt door het scannen van gezichten te beschermen en te beveiligen. Ook moeten bedrijven een passend verwijderbeleid opzetten en onderhouden. Als een consument bijvoorbeeld een account aanmaakt op een website die het mogelijk maakt om virtueel brillen te passen en hij uploadt foto’s naar die website, dan moeten de gegevens wel verwijderd worden als de consument later besluit z’n account op die site te verwijderen.

Ook moeten bedrijven rekening houden met de gevoeligheid van informatie bij het ontwikkelen van gezichtsherkenning-producten en -diensten. Zo moeten bedrijven die digitale borden ontwikkelen die uitgerust zijn met camera’s die gezichtsherkenningstechnologie gebruiken zorgvuldig nagaan waar ze deze borden plaatsen. Ze zouden bijvoorbeeld ‘gevoelige’ gebieden als badkamers, kleedkamers, zorginstellingen of plaatsen waar kinderen samenkomen moeten vermijden.

Altijd aan de privacy denken
De producten en diensten dienen hoe dan ook ontworpen te worden met het thema privacy in het achterhoofd. En eenmaal ontworpen en uitgevoerd, dienen bedrijven transparant te zijn over welke data ze precies verzamelen en hoe die informatie zal worden gebruikt.  Ook moeten consumenten op de hoogte worden gebracht van het feit dat een gezichtsherkenningsapparaat hen zou kunnen registreren als ze een ruimte met zo’n toepassing betreden. Daarbij moeten consumenten een keuze hebben in de vraag of er data over hen zal worden verzameld.

De bovenstaande regels zijn nog altijd richtlijnen en geen wetten. Toch is het verstandig van de FCT om hier al serieus mee aan de slag te gaan, aangezien we hoogstwaarschijnlijk de komende jaren veel meer gezichtsherkenningstoepassingen zullen tegenkomen. Achter de computer, via de mobiel of in het straatbeeld. Instanties als deze privacy- en consumentenrechten-waakhond, maar ook de bedrijven zelf moeten goed nadenken over hoe ze deze technologie willen gaan toepassen. De meeste door de FCT opgestelde regels zijn wellicht geen probleem voor de meeste bedrijven, al zullen er ook een aantal regels zijn die menig bedrijf zal proberen te omzeilen of zelfs te overtreden. En als dat gebeurt, dan wordt het wellicht tijd voor harde wetten.